Op dagen als vandaag lijkt Dubbeldam wel een christelijke voetbalvereniging: de zondagsrust wordt namelijk volledig gerespecteerd. Het duurt even voordat we de eerste kinderen zien of horen en het hele terrein is in nevelen en diepe rust gehuld.
Het is Ryan die even na half negen voorzichtig op de deur klopt, het duurt even voordat we hem kunnen verstaan en om te voorkomen dat het een vreemd gesprek gaat worden, vertellen we hem dat hij te laat is en iedereen al ontbeten heeft. Ryan denkt zeker te weten dat hij nog niet gegeten heeft, maar hij loopt met twijfels in zijn ogen naar buiten.
Tien minuten later komt hij terug met de vraag waar andere jongens een bal gevonden hebben. Als Cor antwoordt dat dit bij de ‘B’ moet zijn geweest, draait Ryan zich om gaat heel rustig aan op zoek. Voor de niet kampbewoners is het handig om te weten dat we drie grote gebouwen hebben, waarbij op de middelste een grote ‘B’ pronkt, het kan dus even duren voordat we Ryan terugzien.

Er is één familie die zich van de zondagsrust helemaal niets aantrekt en dat is de familie Klootwijk; papa Klootwijk loopt met een megafoon door de panden, schoonmama Klootwijk moppert dat ze nog maar net op bed ligt en de drie kinderen Klootwijk proberen buiten het geluid van de megafoon na te bootsen en eerlijk is eerlijk: het lukt ze wonderwel goed.
Het is stipt om negen uur ontbijten, maar waar we bij andere maaltijden ruimschoots voor de etensbel een grote schare kinderen naar binnen zien en vooral horen rennen, is het even voor negenen angstig stil. Een enkeling is buiten met een bal bezig; Ryan is waarschijnlijk in de eerste van de 56 kamers aan het zoeken naar nog meer ballen.
In de keuken is muziek gevonden die nog erger is dan het foute uur van Q-music; zo horen we Marco Borsato en ander gespuis weerklinken. Sandra is heel blij met onze wekservice en inmiddels is het bijna halftien en is het wachten op de hongerige jongens en meiden. Diep in de nacht zijn we trouwens wegens ziekte nog een meiske kwijtgeraakt, zij is ook door haar ouders opgehaald.

De eetzaal zit inmiddels bijna helemaal vol; gebouw A is gewekt door Rick, de mensen uit gebouw klagen over een ventje dat op zoek is naar een bal en uit gebouw C zien we opvallend weinig meiden, terwijl er toch echt maar twee naar huis zijn.
Het is dus nog even wachten voordat we compleet zijn. Het lijkt erop dat onze opperheks haar miniheksjes nog even teruggestuurd heeft naar bed. Mochten ze voor twee uur niet verschenen zijn, kan het zomaar zijn dat ze tot volgend jaar hier blijven. Gelukkig zien we Noor en Linde samen met Rick rondrentafeltennissen en zullen de andere meiden snel komen, al dan niet op hun door Semaja ingezegende bezem.
Inmiddels is het bijna tien uur geworden en zien we Richard onrustig door de kamer ijsberen, zijn elftal staat bijna klaar om af te trappen en in Rotterdam staan duizenden mensen klaar voor de tocht van hun leven. Waar het volgens onze verslaggever in Rome heerlijk hardloopweer is, is het in Rotterdam vooral genieten voor de supporters. Ook in Eersel staat de zon nu al te branden aan de hemel en het gaat een prachtige dag worden.
Rick heeft ter vergroting van de feestvreugde de Snollebollekes opgezet en echt helemaal niemand reageert, nou ja niemand. We horen Gregory roepen dat Rick niet helemaal goed is. Laten we het er maar op houden dat de jongens en meiden zo wel wakker worden.